juli 14, 2008

Daar zijn we weer (bijna)!

Rubriek: Griekenland, Algemeen — Marije @ 10:44 am

We zitten op ons balkon naar de zee te staren. Allerlei herinneringen komen langs van de afgelopen 288 dagen. Onze top drie: De Annapourna Basecamp trekking, Nieuw Zeeland doorkruisen met pa en ma en het klooster in Tibet met de discussierende monniken….of de maand met Joleen samen door Maleisie reizen of misschien toch het rotsklimmen in Chang Mai, het reizen per trein door Vietnam…. Hopelijk gaan we jullie dadelijk niet vervelen, want als we eenmaal met een verhaal beginnen, komt het volgende verhaal boven borrelen en het volgende en het volgende….

We hebben zoveel gedaan en beleefd en vaak gedacht: wow, dit is het leven, zoals het klokje thuis tikt, tikt het overal, ofzo. Maar naar het einde van de reis toe begon het toch te kriebelen. Blijkbaar is Flakkee toch thuis. Voornamelijk natuurlijk door de familie en vrienden die we nu toch wel erg missen. We zijn zo benieuwd hoe het met iedereen gaat (live is toch anders dan per mail) en naar de zwangere buiken, nieuwe kleine aanwinsten, opgeknapte en gekochte huizen, enzovoorts, enzovoorts. We kunnen in ieder geval niet wachten om er weer deel van uit te maken! Al knaagt het wel een beetje om onze onbegrensde vrijheid weer te gaan inleveren, maar aan de andere kant zijn we helemaal klaar voor een georganiseerd leven. Weer een telefoon, klok en agenda. Werk, bruine boterhammen met kaas en stoepen waar het wat moeilijker is om je nek te breken. Zonder onbestemde luchtjes, onderhandelingen en flexibele vertrektijden.

Wat waarschijnlijk voornamelijk wennen gaat worden, is elkaar niet meer 24 uur per dag zien. Hopelijk hoeft Lernard, als hij de eerste dag gaat werken, mij niet van zijn been af te schudden terwijl ik achter hem aan sleep…
Aangezien dit ons laatste stukje is, snik, willen we iedereen bedanken voor het volgen van onze verhalen! En ontzettend leuk hoe veel mensen ons op de hoogte hielden van hun eigen perikelen, zodat we toch het idee hadden er een beetje bij te zijn.
Nou, dat was het dan… Kroket en kaassoufflé: We komen eraan!! (Die hebben we namelijk ook een beetje gemist.) L&M

juli 9, 2008

Kebab, snorren en bijna thuis

Rubriek: Griekenland, Turkije — Marije @ 2:57 pm

We hebben euro’s gepind! In Griekenland, net alsof we al een beetje thuis zijn. Op de details na dat we niemand verstaan, we de uithangborden niet kunnen lezen, het eten bestaat uit giros, souvlaki, tsatsiki….en nog wat kleine verschillen.

Na een week in Turkije zijn we gisteren op het eiland Chios aangekomen. Hier hebben we onze eerste vakantie samen gevierd en nu de…zoveelste. Er lijkt weinig veranderd te zijn, dus het komt gelukkig overeen met onze idyllische herinneringen.

We zijn vijf dagen in Istanbul geweest. Topstad! Hier kunnen we best nog vaak terug komen en het nog steeds niet zat zijn. We hebben voornamelijk cultureel gedaan en onder andere alle topattracties afgewerkt en de Bosporus bevaren (nou, ja, meegevaren). Schitterend!

Aangekomen met het vliegtuig in Istanbul was het even wennen, na de bijna overdreven beleefdheid die we in Azie ervaren hebben en waar stemverheffen zeldzaam is. Een familie stond voor te dringen bij de douanepost, waarop de beambte ze scheldend en schreeuwend naar de achterkant van de rij verwees. Waarna zij weer scheldend en schreeuwend reageerden en de rij een grote duw- en trekpartij werd. Gelukkig was het geen voorbode en was de sfeer in Turkije over het algemeen juist heel relaxt en gastvrij. Wat meer temperament dan we gewend zijn, dat wel. Bij elke verkeersopstopping volgt een toeter-/ scheldkanonnade. En de Dikke van Dale-uitdrukking: “Rijden als een Turk”, werd me gelijk de eerste dag duidelijk. Ik werd niet een, maar twee keer bijna aangereden door een achteruit rijdende auto. Voortaan maar met een flinke boog om stilstaande auto’s heen gelopen.

Er zijn wel erg weinig snorren, trouwens. Dat viel wel weer een beetje tegen…

De meeste maaltijden hebben we in parken genuttigd om een beetje binnen het budget te blijven. Maar dit was zeker geen straf, overal is heerlijk vers eten te krijgen. Een van onze parkmaaltijden: brood, feta, olijven en geroosterde aubergine. En ondertussen lekker mensen kijken. Hele Turkse families verzamelden zich, voornamelijk aan het einde van de middag, in het park en natuurlijk alle andere paartjes, verliefd, ruzie makend, relaxend, enzovoorts. Zo nu en dan hoorden we drie moskeeën door elkaar galmen. Dus hoe authentiek wil je het hebben?

Na de vijf dagen hebben we de tram naar het busstation genomen. In de spits, dus ingeklemd tussen harige armen en ruikende oksels. Vervolgens de nachtbus naar Izmir genomen. De meest luxueuze busrit ooit. Een host in gesteven overhemd en vlinderdas bracht gratis water, thee en roomijs rond en spoot regelmatig een verfrissend citroenluchtje door de bus. Dit deed ons het, bijna de hele reis letterlijk krijsende, meisje, bijna vergeten. In Izmir stapte onze buurpassagier uit om ons het juiste loket en de juiste bus naar Cesme te wijzen. Na deze reis zeggen we: Leve Turkije!

In Cesme, een badplaats, voornamelijk door Turken bezocht (we waren de eerste Nederlanders in ons hotel!), hebben we twee dagen doorgebracht. Na een laatste broodje kebab (vooral bij Lernard met pijn in zijn hart) de veerboot naar Chios genomen. Die we nog bijna gemist hadden, want vijf minuten voor de vertrektijd bleek dat we bij de verkeerde boot zaten te wachten. Oeps.

In het dorpje Agio Ermioni konden we ons appartement niet vinden, maar dankzij een Amerikaanse Griekse, die na 40 jaar terug gekeerd was en naar eigen zeggen niks meer herkende, hebben we ons doel toch bereikt. Wel drie keer het dorpje door gelopen. Heuveltje op, heuveltje af, met onze grote rugzakken, achter de dame aan, die ons toeriep: “Come on, good for the muscles!” Waarbij ze op haar respectabele achterwerk sloeg.

We zijn nu aan het genieten en romantisch aan het doen. Daar zal ik verder niet over uitwijden, want er is helaas geen vioolmuziekje beschikbaar. L&M

juni 30, 2008

Pangkor en daaag Joleen

Rubriek: Maleisie — Marije @ 10:21 am

Kuala Lumpur

De laatste dagen met Joleen hebben we besteed op het eiland Pangkor, het eiland der roze taxi’s. Het enige vervoermiddel: roze taxibusjes, dus. In het weekend was het aardig vol met Maleisische toeristen. Op zaterdagavond was er zelfs een karaokeavond aan de gang, die we dit keer maar afgeslagen hebben. Zondag werd het al veel rustiger en vanaf maandag was het zo goed als uitgestorven. In ons “resort” waren we samen met een ander huisje de enigen. Bijna alle winkels en restaurantjes waren dicht, dus ons lot was relaxen. En aangezien we te lui waren om iets actiefs te ondernemen, hebben we dat ook maar niet gedaan.

De bevolking/ toeristen waren overwegend islamitisch. We verwonderden ons over hoe de dames van top tot teen gekleed, inclusief hoofddoek, de zee in gingen. Zij verwonderden zich waarschijnlijk over onze bijna naakte lichamen. Wij waren ons er in ieder geval erg bewust van. We hebben een wat meer afgelegen strand gevonden, waar we ons wat meer op ons gemak voelden in onze bikini.
We hebben nog een poging gedaan om te snorkelen. We dachten: kom laten we in actie komen. Dit was niet zo’n succes, want zelfs onze vooruit gestoken hand konden we niet zien. Weer een reden om tevreden naar ons handdoekje terug te keren.
Wat hebben we verder zoal gedaan? (behalve zonnen, zwemmen en diepzinnige gesprekken voeren)

  • Bananenfritters (bananen in een deeglaagje, gefrituurd) en Nasi Goreng gegeten.
  • Hornbills (hoornvogels) gespot. Stonden nog op ons verlanglijstje, dus joehoe!
  • Geprobeerd aapjes weg te jagen die onze etensresten kwamen stelen. Zonder succes. Maar een geluk bij een ongeluk: Lernards zijn hele vieze chipjes waren ook gelijk weg. Beschrijving van Lernard: Een zoete kaassmaak met een sponzige structuur… Een van de aapjes leek ze toch erg lekker te vonden. Hij propte zijn wangen vol en liep daarna op twee benen, met zijn handjes gevuld met sponzige chips, hard weg.
  • Films gekeken, want we hadden filmchannel, ja ja. Onder andere “The horse whisperer” gezien. Voor Lernard een reden om maar even te vluchten.
  • Lernard heeft ’s nachts Nederland - Rusland gekeken, wat goed was voor een paar uur slecht humeur…

Na al het relaxen was het tijd om terug te gaan naar Kuala Lumpur, want dezelfde avond moest Joleen alweer terug vliegen!
We hebben de maand met ons drieën afgesloten met souvenirshoppen, een massage en een diner bij het eettentje op straat waar we de allereerste avond gegeten hebben. Het cirkeltje was weer rond, of zoiets.
En toen…moesten we na een supermaand aan het einde van de avond dan toch afscheid nemen…daaaaag Joleen!

Ondertussen zijn we in Bangkok aangekomen, onze tussenstop…voordat we vanavond naar Istanbul vliegen!
Ja, het is waar, we gaan een paar weken eerder thuis komen. De vlucht is net geboekt…15 juli komen we in Dusseldorf aan, dus wees gewaarschuwd, Lernard en Marije komen eraan!! L&M

P.s. Lernard zijn vriend, Willem Worm, is stervende. Er was een enkel wormpje dat maar stand hield, dus verdiende hij een naam, vonden we.

juni 20, 2008

Midden in de rimboe

Rubriek: Maleisie — Marije @ 11:12 am

Onze jungle-week op Borneo begon in het Bako Nationaal Park. In de bus op weg naar het park miste een dame haar plaats van bestemming, doordat ze vergat het knopje in te drukken. Ze gaf een brul naar de chauffeur, die zoiets zei als: “Je moet voortaan wel op het knopje drukken!” Dit deed ze dan maar alsnog, waarop de chauffeur hard moest lachen, de bus stopte en achteruit reed (op een tweebaansweg!) tot de plaats waar ze er oorspronkelijk uit wilde! Desondanks zijn we veilig aangekomen in het Bako NP en hebben we zelf verschillende uitgezette wandelingen door het regenwoud gelopen. Alvast een goede oefening voor de aankomende trekking. We konden op ons eigen tempo lopen, wat wel nodig was, want na vijf minuten ging de kraan bij ons open om niet meer te stoppen. Zweten!!

We hebben veel wilde dieren gezien. Onder andere apen met grote neuzen (probiscusapen) en zwijnen met baarden (eh…baardzwijnen). We hebben geen krokodillen gezien, maar wel bordjes met: “Pas op: zoutwaterkrokodillen!”. Dus wat scheelt het?

Ons tropengevoel is nu helemaal compleet, want voordat we naar het volgende nationale park vertrokken is Lernard nog even naar de dokter geweest. De rode bultjes kregen namelijk staartjes, wat gangetjes bleken te zijn…van wormpjes. Haakwormen, niet gevaarlijk, alleen irritant. Normaal gesproken meestal voorkomend op voetzolen, want daarmee komen de wormpjes het meest in aanraking, maar bij Lernard dus op zijn billen (en rug en arm). En nee, we zijn geen nudisten geworden. Maar ze lijken nu echt uitgeroeid te zijn, dankzij een wormenkuur en antibioticazalf.

Voor de vlucht naar Miri (vanwaar we naar het Gunung Mulu Nationale Park zouden vliegen) waren we helemaal goed voorbereid, dachten we. De tassen mochten maar 15 kilogram wegen en door tactisch inpakken, hoefden we maar een beetje bij te betalen. Wij blij, maar bij de controle van de handbagage bleek Lernard de eerstehulpkit nog in zijn rugzak te hebben, met verbandschaar en dat mag dus niet. Nou, ja, dan die schaar maar weggooien, dachten we. Nee, dat mocht niet van de beambte, want daar was de schaar veel te duur voor. Ja, maar het is onze schaar en wij willen hem weggooien. Nee, het enige alternatief, volgens haar, was het inchecken van zijn handbagage. Het was inmiddels “boardingtime”, dus maakten we de afspraak dat Joleen en ik alvast de naar de gate zouden gaan en we Lernard in het vliegtuig zouden zien. Maar bij de gate aangekomen, bleek het gatenummer verandert te zijn. Toen begonnen de zenuwen. “Dat zal Lernard toch ook wel in de gaten hebben?” Toen we in het vliegtuig zaten, konden we precies zien wie er door de slurf kwam aanlopen. Geen Lernard…. Ondertussen waren we al aan het brainstormen hoe we het vliegtuig konden laten wachten of hoe het nu moest als hij het vliegtuig zou missen. Maar daar kwam hij, toch nog op tijd, met dikke boete voor de extra bagage (toch zeker wel tien nieuwe verbandscharen), maar dat maakte ons al lang niet meer uit, we waren veel te blij dat hij er was!
Ons plan in het Gunung Mulu NP was om eerst de trekking naar de “Pinnacles” te doen. Puntige rotsen van kalksteen op een berg van 1200 meter hoog. Om in het kamp te komen waar we onze gids zouden ontmoeten, moesten we vanaf het hoofdkwartier van het park (waar we alleen heen konden vliegen) een uur met een bootje en daarna nog drie uur lopen door het regenwoud. Dus we voelden ons wel aardig midden in de rimboe.
Het kamp had een erg mooie ligging met uitzicht op hoge rotswanden en vlak naast een riviertje waar gezwommen kon worden. Er was een keuken waar we ons zelf meegebrachte eten konden klaarmaken (instant noodles, noodles en noodles) en een slaapzaal waar we met negen anderen sliepen op matjes en onder onze klamboes. Wat geen overbodige luxe was, want de muren waren ongeveer twee meter hoog, maar het plafond een meter of drie en er waren geen deuren, waardoor er onder andere vleermuizen ’s avonds boven onze hoofden langs suisden.
De volgende ochtend begonnen we na een ontbijt van noodles vol goede moed aan de trekking, die toch iets zwaarder bleek te zijn dan verwacht. De track was 2.4 kilometer lang, maar er moest 1100 meter geklommen worden. Dit hield in dat de eerste twee kilometer bestond uit klimmen over rotsen en boomwortels onder een hoek van 70 graden. Hier deden we drie uur over. Joleen deed het supergoed, maar besloot hier toch af te haken, want het werd haar iets te spannend; de laatste 400 meter ging namelijk onder een hoek van bijna 90 graden omhoog en moest beklommen worden met behulp van touwen en ladders. Terwijl zij op haar eigen tempo naar beneden liep/ klauterde, gingen wij verder omhoog, tot we na in totaal vier uur de Pinnacles hadden bereikt! Een heel mooi uitzicht en een soort kleine marmotjes die zich om ons heen verzamelden in de hoop op eten, zorgden ervoor dat het zeker de moeite waard was. 4,5 uur later, want de weg naar beneden leek zo mogelijk nog moeilijker, beneden aangekomen, zat Joleen op ons te wachten. Ontzettend blij om haar weer ongeschonden terug te zien, zijn we met z’n drieën, met kleding en al, de rivier ingesprongen. Na een hoognodige douche en onze kant en klare noodles, lagen we om 19.30 uur moe, voldaan en alle drie best trots op ons zelf onder onze klamboes. Waar we de eerste tekenen van ernstige spierpijn al voelden aankomen.

De volgende ochtend na onze….noodles zijn we door de jungle terug gelopen naar de plek waar de boot ons zou ophalen om ons terug te brengen naar het hoofdkwartier. Lernard liep voorop met de zware bepakking en wij liepen er met onze kleine rugzakjes, nog net niet strompelend, achteraan. Tja, toch wel duidelijk wie de echte bikkel is…

Onderweg kwamen we een enkele persoon tegen, een Maleisische man. We dachten dat Lernard ging vragen of hij wist of de boot er al was, maar in plaats daarvan vroeg hij of hij wist wat Nederland tegen Frankrijk had gedaan. En…de man wist de uitslag en kon zelfs vertellen dat Van Persie gescoord had…. De rest van de dag slapend, relaxend en klagend over spierpijn (Joleen en ik, dan) doorgebracht.

De laatste dag hebben we twee grotten bezocht, waaronder de Deer Cave. Een grot met de grootste hal ter wereld. En die was inderdaad GROOT! Onwerkelijk groot en gevuld met drie miljoen vleermuizen, die allemaal poepen, dus guano overal. Niet alleen op de grond, maar ook op ons hoofd, kleding, enzovoorts. En stinken!
We hadden een wat slaapverwekkende gids. Hij praatte ongeveer zo: ” This cave is eh…well…maybe…eh…you know…eh…yes…special.” Of zoals een Vlaamse toerist mij vertelde: ” Dit is niet zomaar een grotje, dit is de vetste grot die ik ooit gezien heb!” En daar konden we ons alleen maar bij aansluiten. Maar het beste deel kwam nog. Tijdens zonsondergang vlogen de drie miljoen vleermuizen de grot uit om eten te zoeken. Eerst een paar grote groepen, maar daarna als een grote streng van vleermuizen!! Een super afsluiting van ons bezoek aan Gunung Mulu!

Ondertussen zijn we weer terug in de bewoonde wereld. In Miri heeft Lernard ’s nachts nog Nederland - Roemenie kunnen kijken (ze zijn hier trouwens, grappig genoeg, helemaal met het EK bezig). Gisteren zijn we op Penang aangekomen, een eiland ten westen van het schiereiland Maleisie, voor wat culturele bezigheden en morgen vertrekken we richting een ander eilandje om een paar dagen te relaxen op het strand. En dan, boehoe, is het de 25e alweer tijd om Joleen terug te brengen naar Kuala Lumpur voor haar vlucht terug. Maar daar denken we nog maar even niet aan… J&L&M

juni 9, 2008

In Maleisie met Joleen

Rubriek: Maleisie — Marije @ 5:14 pm

Twee juni hebben we Joleen opgehaald! Zo leuk en vreemd om haar hoofd opeens tussen de arriverende mensen op het vliegveld te zien. In Kuala Lumpur! Ze was erg opgelucht dat zij, haar bagage en wij aangekomen waren. (En wij natuurlijk ook) Onderweg naar het hotel hebben we gelijk wat Maleisische woorden geleerd van de taxichauffeur. Die we nu natuurlijk in praktijk moeten brengen, wat nog niet erg lukt, omdat iedereen hier zo goed Engels spreekt.
De verdere dag hebben we voornamelijk gerelaxt: geslapen, gegeten, gelezen en natuurlijk bijgepraat. Joleen moest bijkomen van de jetlag en wij van het ophalen, want klein detail… het vliegveld van Kuala Lumpur ligt 75 kilometer buiten de stad… En Joleen kwam om zes uur aan, wat betekende dat wij om kwart voor drie moesten opstaan, poeh poeh, maar dat hadden we natuurlijk voor haar over.

Uiteraard zijn we op de Petronas torens geweest, want geen bezoek aan Kuala Lumpur kan zonder. Er zijn maar 1400 kaartjes per dag beschikbaar en we hebben dan ook twee uur in de rij gestaan om er drie te bemachtigen. Het bezoek zelf duurde welteverstaan twintig minuten: 15 minuten een promotiefilm van de oliemaatschappij Petronas en vervolgens wel vijf minuten op de brug tussen de twee torens. Maar toch een cool gevoel om het, ooit hoogste, gebouw bezocht te hebben. Nu de twee na hoogste, geloof ik. Nou ja, ze zijn in ieder geval hoog.

Van Kuala Lumpur zijn we naar Melaka gereisd. Een stad met allerlei invloeden, Nederlandse (zoals rijen grachtenpanden, alleen dan zonder gracht), Portugese, Chinese, Arabische en Indiase invloeden. Dit leverde bijzondere situaties op, zoals de keer dat we een Chinese boeddhistische tempel bekeken en ondertussen de oproep tot gebed van de moskee door de straten galmde. En het gaat allemaal vreedzaam samen.
Iedereen lijkt in te zijn voor een praatje. Elk busritje is al goed voor zeker een gesprek. Lernard en ik hadden steeds het gevoel van wanneer komt de “wil je een taxi/ hotel/ reisbureau en ik regel het wel”, maar het bleek toch steeds echt alleen om een praatje te gaan.
Wat ook erg opviel en niet zo’n klein beetje kitscherig was: de riksjas royaal versierd met kunstbloemen, lichtjes en met harde muziek. We hebben onder andere Michael Jackson en keiharde housemuziek gehoord, dus voor iedereen wat wils…
Ook hebben we het tot nu toe meest interessante museum bezocht: het jeugdorganisatie-geschiedenis museum (wij dachten namelijk het algemene geschiedenis museum) waar ze zeer interessante…eh…trofeebekers tentoonstelden. We hebben het museum dan ook in een record tempo bekeken.
Natuurlijk hebben we ook een massage genomen, een reflexologie voetmassage dit keer. Joleen d’r masseuse stopte tussendoor om een mondkapje voor te doen, vanwege de airco waarvan ze verkouden werd, zei ze…..
En om het af te maken hebben we nog een nachtmarkt bezocht, inclusief karaoke optredens. De meest hilarische show was met een zowaar aan te horen zanger en een ongeveer 75-jarige danser met glittergilet, cowboyhoed en heel bijzondere dansmoves. Hier was hij zo trots op dat hij deze onafgebroken liet zien…precies voor de zanger, zodat deze nauwelijks te zien was. En dan vergeten we natuurlijk een fototoestel mee te brengen…

We zijn er ook achter gekomen, na een doktersbezoekje, wat de, al bijna twee weken, jeukende bobbeltjes op Lernard zijn kont en mijn hele achterlichaam, zijn. Zandvliegen van het strand van Tioman. Dus lekker charmant aan het kontkrabben en wat anti-jeuk medicijnen er tegenaan gegooid. Voortaan toch maar een strandstoel.

We zijn alle drie nog aan het wennen aan het ontzettende warme en vochtige weer. Het schijnt dan 33 graden te zijn, maar voelt, volgens ons, aan als 43 graden. Het tempo ligt daarom niet al te hoog en we zijn lekker doorgezweten.
We zijn van plan om in Borneo een aardig zware trekking te gaan doen van een aantal dagen, dus hopelijk zijn we tegen die tijd een beetje geacclimatiseerd.
We zijn gisteren in Kuching, Borneo aangekomen met het vliegtuig vanuit Johro Bahru. Een ranzige stad waar de kapperszaken een dubbelleven schijnen te leiden als bordelen. Weer eens wat anders dan een massagesalon. Gelukkig maar een nachtje in een ook redelijk ranzig hotel doorgebracht, waar er paddestoelen in de badkamer groeiden!
Op Borneo hebben we ons eerste doel al behaald: we hebben orang oetans gezien! In een opvangcentrum voor wezen ten gevolge van stropen. Niet helemaal wild, maar semi-wild werden ze genoemd, maar daar doen we niet moeilijk over.

De komende anderhalve week zijn we in de jungle te vinden. Terug naar de natuur, enzo. Wordt vervolgd….! J&L&M

mei 31, 2008

Singapore, zonnen en zwemmen

Rubriek: Maleisie, Singapore — Manieu @ 11:41 am

Ondanks dat de stad/ het eiland/ land de naam heeft van een steriele zakenstad, hebben we ons prima vermaakt in Singapore. Er zijn inderdaad veel serieuze zakenmannen in pak met stropdas en het is erg georganiseerd en schoon, maar ook erg gastvrij en er zijn levendige buurten en veel gezellige eettentjes. Die dan wel weer gecontroleerd worden door de inspecteurs van de regering. Maar wat is er mis met hygiëne?

We vlogen met de budgetmaatschappij AirAsia van Bangkok naar Singapore en er werden geen plaatsen toegewezen in het vliegtuig. Het resultaat: geen nette rij, maar rennende en ellebogende mensen die een goed plekje wilden veroveren… Wonderbaarlijk genoeg hadden we prima plaatsen, op de smakkende en boerende “dame” achter ons na, dan. Dit hield ze de hele vlucht vol (ruim twee uur).

Bij aankomst kregen we gelijk een hint van de georganiseerdheid in Singapore. We moesten netjes in de rij staan voor een taxi, de taxichauffeur zette uit zichzelf de meter aan en helemaal bijzonder: toen de chauffeur de straat waar we moesten zijn niet gelijk kon vinden, zette hij de meter uit, want anders zou het te duur voor ons worden!

Het is ongelooflijk hoeveel winkelcentra ze hier hebben. Het lijkt erop dat shoppen hier hobby nummer 1 is. We hebben ons wat shoppen betreft maar ingehouden en in plaats daarvan allerlei nieuwe hapjes geprobeerd; van de overdekte eetparadijzen (gevuld met kraampjes) lijken er namelijk nog meer te zijn.

Ons laatste hostel lag in Little India (onze kleinste kamer ooit - zie bovenaan site), wat een leuke afwisseling was op het hectische centrum. Zoals de naam al zegt, wonen hier veel Indiase immigranten en heerst er ook een Indiaas sfeertje. Onder andere de winkels die sari’s verkopen en bij de zondagmarkt schalde de bollywood-muziek uit de boxen en slingerde er overal rommel rond. Wat een grote tegenstelling was tot de rest van de stad waar we geweest zijn. Geen afval te bekennen daar en vooral geen kauwgom, want het is illegaal om dit op straat te kauwen. Om de vijf meter staat een vuilnisbak, het rivierwater werd zelfs gezeefd door een speciaal bootje met een soort schepnet voorop en nergens spugende mensen te zien op straat, want ook dit is tegen de wet.

Er worden enorme boetes uitgedeeld. Bijvoorbeeld voor afval op straat gooien: 500 euro en voor eten en drinken in de metro: 250 euro! Met drugs moet je al helemaal niet aankomen. Drugsbezit: een lange gevangenisstraf en stokslagen en drugssmokkel: de doodstraf. Misschien dat alle strenge regels ervoor zorgen dat er bijna geen criminaliteit is. Al zullen de politieagenten overal, bewapend met machinegeweren, hier ook wel aan bijdragen…

We konden precies de openingsact van het Singapore Arts Festival meepikken. Een straattheatergroep die op de rivier een spectaculaire show gaf met vuur, vuurwerk en harde muziek. Een super gezicht in het donker met de wolkenkrabbers op de achtergrond en erg warm en krap, aangezien duizenden anderen ook graag zoveel mogelijk van de show wilden meekrijgen.

En we hebben eindelijk de doerian geprobeerd! (wilden we steeds, maar kwam er niet van) De “koning der vruchten” volgens veel Aziaten. Het is een vrucht ter grootte van een meloen met stekels aan de buitenkant en een heel apart luchtje. Op veel plaatsen is hij zelfs verboden om te eten vanwege deze lucht! Het fruit aan de binnenkant heeft een duidelijke gelijkenis met een….mannelijk geslachtsdeel. Waarschijnlijk verklaard dat ook waarom de doerian bekend staat als potentiemiddel. Een oud gezegde schijnt te zijn: “When the doerians go down, the sarongs go up! Ook kwamen we er achter dat dit dus het luchtje is wat we steeds niet thuis konden brengen in Azie… En voor ons is het trouwens niet “de koning”; een apart luchtje, maar ook een apart smaakje.

De laatste drie dagen hebben we op het strand doorgebracht van het eiland Tioman in Maleisie. We hadden een hutje met uitzicht op zee en we hebben voornamelijk gezwommen, gelezen, gesnorkeld, gegeten en geslapen. Ja, ja, we weten het, we hebben een erg vervelend leven. Eindelijk Lernard over kunnen halen om te gaan snorkelen en hij was vervolgens het water niet meer uit te krijgen!

Het strand lag gelijk aan de jungle en we kregen ook een beetje het Tarzan en Jane gevoel door alle beesten die langs kwamen. Apen, hagedissen (die 1.8 meter lang kunnen worden, maar zo lang waren die van ons gelukkig niet), heel veel vlinders, ’s avonds gigantische vleermuizen en in een gat onder aan de trap van onze hut woonde een slang, die af en toe zijn kop naar buiten stak, brrrr. En natuurlijk hadden we ook een kakkerlak in onze badkamer. Waar ik overigens nog steeds niet aan kan wennen, ik krijg de kriebels van die beesten!

Vandaag hebben we de “deluxe luxery” veerboot (zo werd het aangeprezen) genomen naar het vaste land en morgen gaan we naar Kuala Lumpur en dan… de volgende morgen heel vroeg (om 6 uur landt ze) Joleen ophalen!!! L&M

mei 21, 2008

Terug in Thailand

Rubriek: Thailand — Marije @ 4:52 pm

Ja, we zijn terug in Azie, in Thailand om precies te zijn. We horen om ons heen weer: “Taxi, sir?”, “Tuk, tuk, miss?” De heerlijke etensluchtjes van alle eetkraampjes, maar ook de ik-wil-niet-weten-wat-ik-ruik-zurige-luchtjes. De bedelaars met soms de meest bizarre verminkingen. Het “iets” minder makkelijk oversteken van de straat. De monniken in hun oranje gewaden. De vochtige warmte (met af en toe een welkome regenbui vanwege de regentijd en dan REGENT het ook echt). De begroetingen overal: Sawaidee Kaaa. Het leven op straat en de felle kleuren. En natuurlijk hebben we onze eerste Thaise massage al gehad.Mijn eerste toiletbezoek in Thailand op het vliegveld van Bangkok ging gepaard met het luidruchtig keel schrapen van mijn buurvrouw. Haaa, dacht ik, terug in Azie.
Het wegkomen uit Nieuw Zeeland kostte nog moeite. Het bleek ernstig tegen de regels te zijn dat we geen uitgaand ticket hadden, een ticket dat bewijst dat we Thailand ook weer gaan verlaten. Onze ervaring tot nu toe was dat een bewijs dat je een uitticket kan betalen voldoende is, maar dat was hier niet het geval. Nadat de tweede baas erbij gehaald was, was het oordeel dat we alleen mee mochten met de vlucht als we een ticket kochten op het vliegveld. Ondertussen hadden we het erg warm gekregen, want dit was niet echt volgens plan, een duur ticket in Nieuw Zeeland kopen, maar in Auckland blijven was ook niet erg aanlokkelijk. Na een half uur van zeer diplomatiek gepraat van Lernard zijn kant mochten we van de “regels zijn regels”-meneer gelukkig een formuliertje ondertekenen dat zij niet verantwoordelijk waren voor onze missende tickets. Pfffff, toch nog goed vanaf gekomen. En ik heb Lernard natuurlijk heel veel schouderklopjes gegeven.
Vliegen is niet mijn grootste hobby en dit was niet bevorderlijk voor mijn nervositeit (of eigenlijk wel, dus). Om het geheel af te maken, hadden we hevige turbulentie. De etenskarren werden weg gehaald, de stewards en stewardessen gingen zitten en ik had een handje van Lernard nodig. Vol respect keek ik naar de passagiers een paar stoelen verderop die hun eten al gehad hadden en dit rustig zaten op te eten…
Op het vliegveld van Bangkok gelukkig geen lastige vragen over vliegtickets. En hier zijn we dan.

We hadden bedacht om vanaf Bangkok per trein naar Maleisie te reizen, maar vanwege onrusten in het zuiden van Thailand hebben we besloten het vliegtuig naar Singapore te nemen. Van daaruit reizen we naar Kuala Lumpur in Maleisie om Joleen van het vliegveld te halen. Zij komt 2 juni en we gaan met z’n drieën ruim drie weken Maleisie bereizen! Joehoe!
Omdat we de 22e pas kunnen vliegen, hadden we nog zes dagen in Bangkok voor de boeg. We hebben daarom maar een mooi en rustig guesthouse gezocht in plaats van het hotel midden in de uitgaansstraat van Bangkok, waar onze kamer precies tegenover de meest lawaaiierige discotheek zat (vonden wij dan). We wilden fit zijn voor een flink portie cultuur!
We zijn onder andere naar het nationaal paleis, verschillende tempels en de amulettenmarkt geweest. Op deze markt worden allerlei kleine boeddha-afbeeldingen verkocht voor onder andere offeringen voor goed geluk. Het schijnt dat de markt voornamelijk wordt bezocht door monniken, mensen met gevaarlijke beroepen en taxichauffeurs. Deze informatie maakt het nemen van een taxi toch iets minder aantrekkelijk….
Omdat Bangkok berucht is vanwege zijn seksindustrie zijn we, zoals echte toeristen betaamt, naar de bekende nachtmarkt Pat Pong geweest. De markt op zich is niet bijzonder, maar wel zijn lokatie. Midden in het red-light district met onder andere heel veel go-go bars, veel lady-boys (transseksuelen) en oude mannen. We zagen een man van zeker 65 hand in hand lopen met een meisje van maximaal 16 jaar… Ik dacht dat ze dat verbannen hadden uit Thailand… Maar goed, dat deel van Thailand hebben we ook weer gezien.

Morgen vliegen we dus naar Singapore. Hopelijk vragen ze dit keer niet naar uittickets (want hebben we weer niet)….

Nog een feitje uit de Bangkok Post ter afsluiting. De professoren op de universiteit van Bangkok verdienen gemiddeld 17.000 Baht (= 340 Euro) per maand en afwassers verdienen gemiddeld 13.500 Baht (= 270 Euro) per maand. Au, daar heb je dan twaalf(!) jaar voor gestudeerd… L&M

mei 14, 2008

Nieuw Zeeland, laatste deel

Rubriek: Nieuw Zeeland — Marije @ 6:03 am

Vandaag onze laatste dag in Nieuw Zeeland na bijna drie maanden.

We zijn gisteren vertrokken uit Keri Keri na ’s ochtends om zeven uur afscheid genomen te hebben van alle buren. Sommigen op het park waren niet erg getreurd dat wij weg gingen. Onze cabin is namelijk erg gewild aangezien het topdrukte is in het hostel van het park. Ze slapen op het moment met zeven man op een kamer net zo groot als onze cabin: +/- 16 m2….

We hebben zaterdag de laatste barbecue gehad waar we aan het einde van de avond op de foto moesten met onze Koreaanse collega, want: “Holland! Hiddink, you know Hiddink? He is my hero!” Waarom wij dan op de foto moesten is ons een beetje onduidelijk….

We hebben een hoop groene bomen (zonder mandarijnen, dus, even voor de duidelijkheid) achter ons gelaten. En, haha, het uiteindelijke volle-kratjes-record van Lernard is 42 en die van mij 47! Who is the winner?

We dachten klaar te zijn met mandarijnen plukken en gingen nog een laatste ochtend in de tuin van Conny werken. Of Lernard nog even het mandarijnenboompje van zijn vruchten wilde ontdoen… Ze blijven je achtervolgen, onze oranje vrienden.

Op het moment zijn we in Auckland. Ons zuur verdiende geld weer aan het uitgeven. En we zijn nog even onze Nieuw Zeelandse favorieten aan het eten en drinken: scones (hele vette roomboter broodjes gevuld met muesli, dadels, kaas of wat dan ook), Cookie Time koeken (die zijn zoooo lekker en zoooo slecht), fish & chips en Lernard zijn favoriete bier: Ranfurly. Oftewel bunkeren!

Morgen vliegen we weer naar Bangkok en gaat het reizen weer beginnen. Ons eerste doel in Thailand: Massage! (L&M) 

mei 5, 2008

Mandarijnen, mandarijnen en mandarijnen

Rubriek: Nieuw Zeeland — Marije @ 6:51 am

We zijn ondertussen aardig ervaren in de kunst der mandarijnen plukken. We worden steeds sneller. Lernard zijn huidige record is 35 kratten en van mijzelf 45 kratten. Whahahaha! Nee, dit is geen leedvermaak…. Maar a vier dollar per kratje beginnen onze verdiensten al aardig op te lopen. Al zien we ze nu zelfs als we onze ogen dicht doen: Aaaah, nog meer mandarijnen!!

We hebben een mandarijn-pluk-motivator onder ons. Ramon. Elke ochtend moeten we elkaar met een lach op ons gezicht een “good morning” wensen. Wat vooral mij soms wat moeite kost met mijn legendarische ochtendhumeur. En we moeten vooral niet vergeten om de mandarijnenbomen te groeten in de morgen. Er zijn verschillende manieren van groeten. Bijvoorbeeld Ramon: “Good morning trees. How are you today? You look lovely. Good time to pick you!” En onze Duitse collega Stephanie neemt een tak in haar hand en zegt: ” Nice to meet you!” en begint met knippen. Nee, het werk is helemaal niet saai. Hoezo?

Als we dit gedeelte achter de rug hebben, moeten we de drie regels van Ramon onthouden. Focus, consistancy and safety. Oftewel denk alleen aan mandarijnen, niet stoppen en knip niet in je vingers. In het geval van Ramon moet je Pocussen, want onze Filipijnse collega (of moet ik zeggen Pilipijnse) gebruikt voor elke f een p. Hij gaf ook de reflexologiecursus. “Use your pingers…” of ” Make a pist…”

We hebben ook een demotivator, ook wel Chris, de mandarijnenplukkers-chef. Een collega noemde hem de drillmaster van het mandarijnenbootcamp. Chris zijn persoonlijke doel is perfectie en niks anders dan perfectie. Dus als hij in zes kratjes (ongeveer 120 kilo aan mandarijnen) een mandarijn vindt met een sneetje van je snoeisnaar, komt hij naar je toe. “This is a cut!” “Eh, yes, that’s a cut.” “Next time, watch out!” “Eh, I am sorry?”

We hebben voor de vrije dagen een tweede baantje gevonden. Werken in de tuin van een medewerker van de camping. Connie, een Nederlandse Nieuw Zeelander, die hier al twintig jaar woont. Lernard doet de mannenklussen, zoals palen in de grond slaan en gaten graven. En ik ben van het snoeien en onkruid wieden. Een fijne afwisseling op de mandarijnen.

Met onze collega’s en andere campingbewoners hebben we inmiddels een zaterdagavond barbeque-avond traditie en een daarmee samenhangende zondag “hangover”-dag traditie. Wat inhoudt allemaal zo lang mogelijk uitslapen en zo min mogelijk uitvoeren…

Tussen ons werkschema door gaan we ook wel eens Keri Keri in. Onder andere voor de nodige boodschappen en de Farmers Market, waar de plaatselijke boeren allerlei verse produkten verkopen, waaronder een wijn: ” Chateau de la Brak”. Deze hebben we maar laten staan.

We hebben ook een keer een rugbywedstrijd bezocht. Dat gaat er behoorlijk ruig aan toe. De ambulance stond klaar en was al snel gevuld met twee spelers. Niet echt een sport voor watjes, dus.

Ze zijn hier helemaal wezenloos van rugby. Het nationale team is de “All Blacks” en hun logo en de merchandising zie je overal. Op servies, kleding, etenswaren, theedoeken, golfballen, haarelastiekjes, raspen, kookwekkers, koelkasten, nou, ja, eigenlijk op alles…

Onze laatste week plukken is aangebroken, dus Lernard heeft nog maar een paar dagen om mijn ultieme record te verbreken… Woehoe, spannend! L&M

april 24, 2008

Marije Sandsurfing

Rubriek: Nieuw Zeeland — Manieu @ 12:07 am

Hoi!

Marije surft als een gek de heuvel af :P !

Groeten,

Maarten